Om een nieuwe cultuur van het menselijk leven
We bidden om het einde van ‘alles wat een aanslag betekent op het leven zelf, zoals iedere soort van doodslag, volkenmoord, abortus, euthanasie en ook vrijwillige zelfmoord’[1]
Iedere mens wordt, op grond van het geheim van het Woord van God dat is mens geworden, toevertrouwd aan de moederlijke zorg van de Kerk. Daarom moet elke bedreiging van de waardigheid en van het leven van de mens wel een reactie oproepen in het hart van de Kerk, moet die haar wel raken in de kern van haar eigen geloof in de verlossende Menswording van de Zoon van God, moet zij die wel betrekken in haar zending om het Evangelie van het leven te verkondigen in de hele wereld en aan ieder schepsel.
Vandaag wordt die verkondiging bijzonder dringend in het licht van de schokkende toename en verscherping van de bedreigingen van het leven van mensen en volken, vooral wanneer dat zwak en weerloos is. Bij de oude, smartelijke plagen van ellende, honger, inheemse ziekten, geweld en oorlogen voegen zich andere, van onbekende aard en van verontrustende omvang.
Helaas, dat verontrustende panorama, verre van beperkt te worden, is zich veeleer aan het uitbreiden: met de nieuwe duidelijke vooruitzichten van wetenschappelijke en technologische vooruitgang ontstaan nieuwe vormen van aanslagen op de waardigheid van het menselijk wezen, terwijl een nieuwe culturele situatie zich aftekent en tot stand komt, die aan de misdrijven tegen het leven een ongehoord en zo mogelijk nog schandelijker aanzien geeft en nieuwe ernstige zorgen wekt: brede lagen van de publieke opinie rechtvaardigen sommige misdrijven tegen het leven in naam van de rechten van de individuele vrijheid en maken, op grond van een dergelijke vooronderstelling, niet alleen aanspraak op strafuitsluiting daarvoor, maar zelfs op goedkeuring van de overheid om die misdrijven in absolute vrijheid te begaan en zelfs nog met gratis hulp van de openbare gezondheidszorg.[2]
GEBED
O Maria,
dageraad van de nieuwe wereld,
Moeder van de levenden,
U vertrouwen wij de zaak van het leven toe:
o Moeder, zie neer op het grote aantal
kinderen die niet geboren mogen worden,
armen die het moeilijk hebben om te leven,
mannen en vrouwen die slachtoffer zijn van bruut geweld,
ouderen en zieken die gedood worden uit onverschilligheid
of uit zogenaamd medelijden.
Geef dat allen die geloven in uw Zoon
het Evangelie van het leven
verkondigen met oprechtheid en liefde
aan de mensen van onze tijd.
Verkrijg voor hen de genade dat Evangelie te aanvaarden
als een steeds nieuw geschenk,
de vreugde om het te vieren,
dankbaar, hun leven lang,
en de moed om er resoluut van te getuigen,
om samen met alle mensen van goede wil
de beschaving van de waarheid en de liefde op te bouwen,
tot lof en eer van God, de Schepper en Vriend van het leven.[3]
[1] Gaudium et Spes, 27
[2] EV 3-4
[3] Evangelium Vitae, 105